mooie ontmoetingen, minder mooie verhalen - column

Mooie ontmoetingen, minder mooie verhalen


Het was 2008 of 2009, in Breda. Op de parkeerplaats bij de supermarkt kwam ik een oud-leraar Engels tegen. Hij herkende me en we maakten ruim tijd voor elkaar.

Hij vertelde enthousiast over zijn vrijwilligerswerk bij de plaatselijke radio. Zijn gezicht straalde zijn passie. Ik herkende die passie van vroeger toen hij mijn leraar was, dit was namelijk één van de meest gepassioneerde leraren die ik ooit gehad heb. Hij was betrokken en tijdens de lessen vertelde hij leuke, mooie verhalen buiten de gewone lesstof om. Zijn pretoogjes gloeiden toen hij vertelde over zijn vrijwilligerswerk. Ik herkende ze.

Tot het moment dat ik naar zijn werk vroeg. Het stralen stopte onmiddellijk, zijn gelaat betrok naar bedrukt. Dáár was de liefde weggestroomd. De reden werd ook snel duidelijk; het managementdenken, en alle regels die daar bij hoorden, hadden zijn passie en betrokkenheid vakkundig tot de grond afgebroken. Het lesgeven was een routine geworden, nodig om brood op de plank te krijgen, nodig voor zijn pensioen. Maar werkplezier?

Ondanks zijn decennia aan extra ervaring, zal hij geen betere leraar geweest zijn dan toen ik in zijn klas zat. Zijn tanende passie, betrokkenheid en werkplezier doen een forse afbreuk op zijn kwaliteit. Helaas zie je deze overregulering niet alleen in  het onderwijs, ook elders kunnen ze er wat van. Kijk eens naar de brandweer. Er kunnen nauwelijks nog vrijwilligers worden gevonden en ook betaalde krachten zijn er zeldzaam. Dat was niet altijd zo. Het is de overregulering die ontstaan is na rampen zoals de vuurwerkramp. Is onze maatschappij nu veiliger geworden met al die regels? Ik betwijfel het, er zijn immers minder brandweerlieden die minder gepassioneerd werken. Het groeiende aantal regels werkt averechts.

De afgelopen tijd sprak ik veel mensen uit het onderwijs en ik ben blij om te horen dat de grootste protocollenfetisj daar ondertussen weer achter de rug is. Volgens mij zijn we er nog niet helemaal maar leraren worden wel weer meer gezien als de vakmensen die zij zijn. Maar docenten en brandweerlieden waren en zijn niet de enige die last hebben van de sterk overdreven bepaaldrang van hun superieuren.

Afgelopen week sprak ik nog een advocaat en een accountant en ik werd niet bij van hun verhalen. Ook zij hadden veel last van bazende bazen. De accountant vertelde dat de opperbaas eigenlijk álles bepaalt; de medewerkers mogen nog net kiezen wat voor beleg ze op hun boterham doen. En de advocaat schetste een nog somberder beeld.

Het gaat hier om hoog geschoolde mensen die alle verantwoordelijkheden dragen die bij het leven horen; een hypotheek, een huishouden, het opvoeden van hun kinderen etc. etc. En dan komen ze op hun werk en dan mogen ze niet eens kiezen welke pen ze gebruiken als zij hun vak uitoefenen. Een vak waarvoor ze lang gestudeerd hebben en waarin ze ook zo’n 15-20 jaren ervaring hebben.

Processen, regels, targets en wat meer zij, kunnen belangrijk zijn om mensen een kader te bieden. Maar binnen dat kader moet er wel bewegingsruimte zijn. Met een overdaad aan regels en protocollen verdrijf je de zuurstof die je mensen zo hard nodig hebben. Mensen gaan op de automatische piloot en doen niet meer dan strikt noodzakelijk is. Stop met deze overdreven beslisdrift! Stop met het vermoorden van de passie, betrokkenheid en werkplezier van je medewerkers. Stop met het vergiftigen van productiviteit en menselijke prestaties. Wees slim, geef ruimte. Beter nog: creëer ruimte.


Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

meer films →

meer tips →

Scroll naar top